Buitenaards Plejadische dossiers Nada Kronieken Running Fox Homepagina Written with Love Written Speciaal

'Looming plains'

 

Terug naar Amadis

 

De Nada Kronieken, deel 35

© Hans Brockhuis 2006

zie ook het eerste deel: Amadis


“Laten we onze harten in Liefde openstellen, zodat we leren te houden van verschillen, en onze wereld openstellen voor Anderen om zo de mogelijkheid te hebben om alle naties om te vormen tot eenheid in verscheidenheid.”
Lady Nada

- 1 -

Midden in de nacht werd ik gewekt door een onbekend geluid in de slaapkamer. Het leek alsof er iets raspte op de vloer en hoewel ik meestal door allerlei geluiden heen slaap die mijn vrouw wakker plegen te maken, was ik het deze keer die wakker werd, terwijl ik merkte dat mijn vrouw aan de andere kant van het bed vredig doorsliep.
Ik knipte de lamp op het nachtkastje aan en onmiddellijk werd mijn blik getrokken door een in een overall geklede dame die me met een vriendelijke blik aankeek en me zonder woorden vroeg of ik met haar mee wilde komen.
Dat wilde ik wel want ik wist wie zij was. Het was Moira en tijdens mijn telepathische avonturen en communicaties met een andere wereld dan de onze, had ik haar al enkele malen ontmoet.

Zij vertelde dat ze was gekomen om mij mee te nemen voor een kijkje op de planeet Amadis, waarvan ik wist dat ik daar tijdens een eerdere gelegenheid deel van de plaatselijke bevolking had uitgemaakt. Hoe ik dat wist? Ik had geen idee, maar op dat moment leek het allemaal heel erg vanzelfsprekend. En natuurlijk had ik wel oren naar een interstellair reisje. Snel kleedde ik mij daarom aan en na een blik op mijn echtgenote te hebben geworpen, die nog steeds vredig lag te slapen, beduidde ik Moira dat ik er helemaal klaar voor was.

Het bleek dat ik niet de enige was. In het hoedvormige ruimteschip zaten al enkele mensen te wachten op de dingen die komen gingen. Ik had deze mensen nog nooit gezien, maar toch kwamen ze me op de een of andere manier bekend voor. Het was net een soort reünie van mensen die allemaal al eens dezelfde reis hadden gemaakt.
En zo was het natuurlijk ook. Al deze zielen waren Amadis ‘veteranen’ en hadden op de één of andere manier ooit met deze planeet – èn met mij - van doen gehad.

Nadat we daar een tijdje hadden gezeten, er nog een tweetal jonge vrouwen aan het gezelschap waren toegevoegd en er hier en daar korte gesprekken op gang waren gekomen, ontvingen wij allemaal een innerlijke mededeling. Zoiets als ‘This is your captain speaking’, maar dan niet via de intercom, maar rechtstreeks in ons brein. De boodschap was simpel. We werden welkom geheten en zouden over enkele ogenblikken koers zetten naar Amadis. De reis zou niet lang duren. In feite zou de tocht naar en van het sterrenschip de meeste tijd in beslag nemen. In beide gevallen ongeveer een half uur. Feitelijk zou, op praktisch hetzelfde moment dat het sterrenschip de ‘Apic’ zou vetrekken, het ook arriveren in het zonnestelsel van Moira, waarvan Amadis de derde planeet is.

- 2 -

Aangekomen in het zonnestelsel van Moira, waar we vanuit de waarnemings-koepel een prachtig uitzicht hadden op deze rode planeet, vervolgden we de reis met net zo’n ruimteveer als op aarde. Na korte tijd, er was geen sprake van wrijvingshitte, zoals bij ‘onze’ spaceshuttles, landden we op de interplanetaire landingsbasis, vlak bij de hoofdstad van, zoals ons werd verteld, het zuidelijke continent. Op de campus van de plaatselijke universiteit kregen we een lichte maaltijd aangeboden, bestaande uit vele soorten heerlijk fruit, waarnaast overheerlijke honing in grote potten werd geserveerd. Het kon niet anders dan dat de honing afkomstig was van de legendarische honingvlakte. Ik voelde me net een soort Winnie de Pooh met al die honing, die hier mede wordt genoemd, op grijpafstand.

Kort daarna vertrokken we per zwever, een soort veredeld vliegend tapijt met balustrade en prettige stoelen, om de planeet te verkennen. De uitleg werd telepathisch doorgegeven, dus dat leverde geen problemen op. En hoewel wij als inzittenden van her en der over de wereld waren weggeplukt, was er ook geen taalprobleem. Telepathie werkt met beelden, begrippen en gedachten en is dus niet van taal afhankelijk.

Moira, de zon, scheen uitbundig, maar door de snelheid van de zwever en het koele briesje was het allemaal heel erg aangenaam. In deze streek was het voorjaar en de natuur zag er uit alsof ze zwanger was van het ontluikende groen. We passeerden een vriendelijk landschap van heuvels en dalen, rivieren en bossen, met hier en daar een kleine nederzetting. Wegen zijn er alleen in de nabijheid van bewoning, waar de boeren met autonome karren naar en van hun land trekken. Al het andere verkeer op Amadis wordt per zwever afgelegd, waarvoor onzichtbare elektronische zweefbanen bestaan die het niet al te drukke verkeer van elkaar scheiden.

De atmosfeer was fantastisch. De rode ster betoverde alles met een scharlaken gloed. De wereld baadde zich in een rozerood schemerlicht, de schaduwen werden lang en de omgeving zag eruit alsof ze was doordrenkt en in afwachting was van de nacht, die weldra zou neerdalen op dit prachtige heuvelachtige landschap.

- 3 -

Deze reis, werd ons verteld, diende twee doelen. Op de eerste plaats waren wij op weg naar de Honingvlakte, om met eigen ogen te her-kennen wat diep in ons hart verborgen zit. Hebben alle inzittenden, of moet ik zeggen ‘opzittenden’ van de zwever, niet immers al eerdere levens op deze planeet doorgebracht?

Vervolgens waren wij op zoek naar iets wat zich van binnen, in onszelf,  manifesteert. De zoektocht naar innerlijke vrede. Moira drukte ons op het hart dat ons hele leven vervuld zou moeten zijn van het zoeken naar vrede, naar harmonie, naar de vervulling van de waarden tussen alle mensen, waar ook in het universum. Om de gedragslijnen die op aarde zo dikwijls met voeten worden getreden op hun waarde te schatten en om te leren ons die kalmte, die eendracht en die harmonie eigen te maken en om het geleerde als we weer terug zijn op aarde, over te brengen op anderen, één ziel tegelijk.

Het was fascinerend om tegen de avond de schijnbare doodsstrijd te aanschouwen van de rode zon, Moira die, immer talmend, tenslotte achter de verre, verre horizon verdween. Ze leek op een grote ovalen rugbybal die in een uitbundige oprijzende cascade van schitterend licht werd opgeslokt door de verre heuvels en tafelbergen.
Na een korte tocht over de zee-engte die de beide continenten op deze plaats scheidt, bereikten we Tur, de hoofdstad, waar we overnachtten. De stad is gebouwd op een hoge heuvel, waardoor de grote ronde woontorens nog hoger schijnen. Zij lijken zich schier eindeloos in het koperen zwerk uit te strekken en het uitzicht, hoog in één van de torens is dan ook overweldigend. Aan de noordkant, héél in de verte, bestaat de horizon uit een lange blauwe lijn, de helling van de Honingvlakte! De volgende dag zouden we daar naartoe gaan. We konden niet wachten.
De volgende dag was het opnieuw prachtig weer. Moira stond met haar koperen glans uitbundig te stralen en de hoofdkleuren die onze slaapzaal binnendrongen waren robijnrood, oranje, roze en wit, in allerlei schakeringen, die van ons eenvoudige onderkomen een waar lustoord maakten. Na het ontbijt, weer met veel honing, konden we weer in de zwever plaatsnemen.

  • 4 –

Tijdens de reis kregen we les. Een soort inburgeringcursus leek het wel. In de eerste plaats verklaarde onze gids Moira, de naam Amadis. “Amadis betekent in onze taal: ‘Morgenster’. Nu lijkt dat niet erg logisch, maar bij jullie is Venus, die soms ook morgenster wordt genoemd, ook geen ster, maar een planeet. De naam van de zon Moira, betekent eenvoudig: ‘rood’.” Ik ontdekte een eigenaardigheid: “Maar Moira,” viel ik in, “dan heb jij dezelfde naam als de ster van jouw planeet.”

“Ja hè,” was het laconieke antwoord, “da’s ook toevallig.” “Ja maar,” ik ken mijn klassiekers: “toeval bestaat toch niet?” “Nee, inderdaad, mijn naam is van onze zon afgeleid, net zoals er op Aarde namen als Selena voorkomen die naar jullie maan verwijzen”. Moira ging door met haar lezing. De ster die jullie wetenschappers ‘Ster van Barnard’ noemen, heet bij ons Moira. Moira heeft een serie planeten, waarvan de morgenster, Amadis, de derde planeet is.”
Een jonge vrouw uit het gezelschap opperde: “Moira, ik heb er nog niet veel van gemerkt, maar het leven op Amadis moet rood gekleurd zijn. Moira/Barnard’s Ster is toch een rode dwergster. Is dat niet zo?” “Ja, dat klopt”, antwoordde Moira, “Moira wordt door de astronomen als een rode dwerg gerangschikt, en nee, van roodkleuring op het oppervlak is alleen sprake tijdens zonsondergang. Je hebt dat gisterenavond kunnen zien. Het rode licht wordt gefilterd door een gaslaag, analoog aan de ozonlaag bij jullie. Die laag houdt de kosmische- en andere straling tegen. Het overheersende licht bij jullie is geelblauw; bij ons is dat groenrood, maar in beide gevallen ben je er zo aan gewend dat het niet meer opvalt. Natuurlijk geeft dat een ander perspectief aan de dingen maar bij onze bezoeken aan Terra, en nu jullie bezoek aan ons, blijkt steeds weer dat het niet onoverkomelijk is. De Aarde noemen wij trouwens Opdum.”

“Betekent dat iets?”, vroeg iemand die duidelijk een Indiër was. “Ja hoor, wat dacht je?” “Aarde?” “Natuurlijk.” Mijn buurman, die ik als Franstalige Belg had leren kennen, stak zijn hand op. “Ik neem aan dat jullie niet het Latijnse schrift bezigen?” “Er zijn bij ons, net als bij jullie, verschillende rassen. Er is één schriftsoort, een soort karakters, zoals bij jullie het Chinees, maar elk ras heeft zijn eigen gesproken taal. Het voordeel daarvan is dat we elkaars taal zonder moeite kunnen lezen. Denk maar aan de cijfers op aarde. Neem bijvoorbeeld het getal 23. Een Engelsman zal dat symbool ‘twenty-three’ noemen. Iemand uit Duitsland echter; ‘dreiundzwanzig’. Het symbool betekent hetzelfde, maar wordt uiteenlopend benoemd. ”

“Maar goed, even recapituleren.” Moira leek absoluut niet uit het veld te zijn geslagen door alle interrupties. “De centrale ster heet dus Moira. Het is, zoals gememoreerd, een rode dwergster. Van de Aarde af gezien maakt hij deel uit van het sterrebeeld Opiuchus/Slangendrager. Moira is vrijwel uitsluitend waarneembaar vanaf het zuidelijke halfrond van de aarde. Deze ster heeft, veroorzaakt door zijn begeleider, niet minder dan 10" 31' eigen beweging per jaar. Vraag maar aan de astronomen hoeveel dat is. Door deze omstandigheid is de lengte van ons jaar dan ook variabel. Niet veel, maar toch.”

“De afstand tot de aarde is bijna 6 lichtjaren. Het is vanaf jullie gezien de dichtstbijzijnde ster na het α Centauri stelsel. Moira is een z.g. spectro-metrische dubbelster. Het heeft een begeleider met een massa van ca 1,5 maal die van Jupiter. Deze begeleider is met het blote oog niet waar te nemen. Hij bevindt zich op een dusdanige afstand van Moira dat hij alleen overdag – met gespecialiseerde kijkers, spectrometers, die de straling van Moira afschermen, is waar te nemen”.

“De eerste planeet heet Aum. Het is een kleine onbewoonde planeet, te heet voor leven, net als Mercurius bij jullie. Aum betekent dan ook zoiets als Inferno. De tweede planeet heet Aino. Aino is een onvruchtbare, dampkringloze planeet, ongeveer twee keer zo groot als de Aarde. Een onherbergzaam oord, vandaar de naam. De derde planeet is dus Amadis, wat morgenster betekent. Amadis is iets groter dan Aino. Het is een half om half water/landplaneet, wat inhoudt dat de continenten hier behoorlijk wat groter zijn dan die bij jullie. Op het noordelijke continent, dat ongeveer de omvang heeft van de Grote Oceaan, bevindt zich de enorme Honingvlakte waar we naartoe onderweg zijn.”

“De meeste Moiranen, ongeveer achthonderd miljoen zielen, wonen op het noordelijke continent, Bagion genaamd. Op het zuidelijke continent, Welda, waar de ruimtehaven ligt, wonen de meeste andere rassen waarvan er enkele ‘bewust’ zijn. De vierde planeet is een grote gasplaneet, ongeveer zoals Jupiter, en heet Darn. Dan volgt Apic. Het ruimteschip dat ons hierheen bracht is naar deze planeet genoemd. Apic betekent: groot en ver. Groot = Api; ver = Ick.

Dan volgen de steeds kleinere gasplaneten Omidis, hetgeen mooi betekent omdat zij zo prachtig schittert aan het firmament, en vervolgens Moriom, wat achterwaarts betekent. Deze planeet heeft een afwijkende baan om Amadis. Dan volgt Maliom, herwaarts en tenslotte Mihaniom, derwaarts.”

- 5 -

Na een tocht van enkele uren stonden we eindelijk aan de voet van de Honingvlakte, onderaan de bijna twee kilometer hoge helling. Vanuit de verte zagen we al een indrukwekkend schouwspel opdoemen! Deze helling met zijn stijgingspercentage van tussen de vijftig en zestig procent kan al ver tevoren als een blauwe lijn van horizon tot horizon worden waargenomen. Allengs breidt die zich uit en tenslotte lijkt ze als een muur boven je uit te torenen, die je in het begin het gevoel geeft bovenop je te willen vallen. Wanneer je dat eerste gevoel kwijt bent, voel je de immense energieën die hier heersen en lijkt het alsof je op de wind wordt meegevoerd, omhoog, omhoog, alsof het helemaal geen inspanning kost om daar te komen.

Onze gids, Moira, vertelde ons over de enorme bijenpopulatie die zich koestert in Moira, de zon, en die zich voedt met nectar van de enorme bloemen- en heidevelden die zich hoog op de vlakte bevinden.
“De honing wordt gewonnen en gebruikt als basisproduct voor overheerlijke gerechten en vele andere zaken. Op deze planeet is iedereen er gek op en er worden enorme hoeveelheden van geconsumeerd. De mede wordt in grote loodsen onderaan de helling geproduceerd en naar alle windstreken verzonden. De vlakte is immens groot, de bijenpopulatie ook en daarom zal er altijd honing in overvloed zijn.”

“Omdat de Honingvlakte boomloos is en er nauwelijks neerslag valt, zijn er geen rivieren. De daar groeiende gewassen voeden zich met de dauw van de vroege ochtend. De ruwe helling is hier en daar voorzien van wat struiken, maar dat is alles. Tegenwoordig zijn er de zwevers om de mensen omhoog te brengen. De ‘Ouden’ klommen omhoog. Maar op een plaats als deze, waar machtige magnetische en spirituele krachten werken, is zelfs dat van weinig belang.”

- 6 -

Na een ontvangst in één van de loodsen onderaan de helling, werden we met de zwever naar boven gebracht en aan de rand van de vlakte afgezet. Wanneer je daar bent, strekt die zich schijnbaar eindeloos voor je uit. Het is alsof de horizon is verdwenen. De velden zijn bezaaid met bloemen en heidevelden in alle mogelijke kleuren en varianten.
Na een lange wandeling, ik was moe, ging ik in de schaduw van een saliebosje liggen. De bijen zoemden en op verschillende plaatsen kon ik de bijenheuvels zien waar de volken hun nectar verzamelen, waar de koninginnen worden gefokt en de darren voor de opslag zorgen. Op de Honingvlakte van bijna 12.000 km2 staat geen enkel gebouw. De vlakte is voor de bijen. De imkers worden dagelijks ingevlogen, doen hun werk met instemming van de bijen en keren 's-avonds terug. Zo is deze hoogvlakte nog steeds vervuld met een vervullende harmonie, die je kunt voelen vibreren. Zo word je verzadigd met de warmte, liefde en vrede, van dit schijnbaar oneindige land.

Bijna viel ik in slaap, maar plots hoorde ik een stem in mijn hoofd. Een stem met een heel speciaal timbre en hoedanigheid. Ineens was ik klaarwakker.

"Goedemiddag” lief mensenkind", zei een welluidende altstem. "Mijn naam is Nada en ik wil je vertellen over Amadis en over Terra, de Aarde waarnaar je spoedig zult terugkeren.”

“Zojuist heb je geproefd van de harmonie die op deze planeet, Amadis, heerst. De mensen die hier wonen leven met andere keuzes dan jullie dat op Aarde gewend zijn. Daarom is het duidelijk dat zij zich hier op een andere manier hebben ontwikkeld. Spoedig zul je weer terug zijn en opnieuw worden geconfronteerd met de disharmonieën, maar ook met de mooie dingen die zich op jouw planeet manifesteren."

"De mensen van Amadis zijn niet beter of slechter dan die op de Aarde. De mensen hier zijn verschillend, ook al door de afwijkende omstandigheden waarmee zij hebben te leven. Je weet dat er, ook op aarde, een groot aantal zielen leeft die het licht in zich dragen. Desondanks hebben velen advies nodig zodat zij in staat zullen zijn om hun eigen nieuwe wereld te creëren."

"Het zal goed zijn wanneer ook jij, net als anderen, bewustwording, spiritualiteit, hoop en liefde gaat verspreiden. Wel moet je je realiseren je daarbij niet te mengen in de aan hen door God gegeven vrije wil. De mensen moeten in staat blijven hun eigen keuzes te maken. Mede hierdoor zal het voor hen uiteindelijk mogelijk worden om opnieuw in harmonie en éénsgezindheid met elkaar samen te leven. En dat is mijn gift voor jou, lief mensenkind, de mogelijkheid om precies dát te doen."

- 7 -

Niet lang daarna zette Moira me weer in mijn slaapkamer af. Mijn vrouw lag nog steeds te slapen en de wekker wees nu 4.44 aan. Hoewel ik zeker wist dat ik twee dagen op Amadis had doorgebracht, bleek het dat er voor het thuisfront slechts vijf kwartier was verstreken. Opnieuw realiseerde ik me, ik had daar al vaker over gefilosofeerd, dat tijd slechts een zeer relatief begrip is. Ik bedankte Moira voor alles wat zij mogelijk had gemaakt en stapte opnieuw in bed. Mijn dromen gingen over Amadis, de rode planeet waarnaar ik gedurende korte tijd was teruggekeerd…