Buitenaards Plejadische dossiers Nada Kronieken Running Fox Homepagina Written with Love Written Speciaal

Zeta

 

De ster; encounter 1974

Ginie Abbring Hingst

Er leek een knik in de weg te zitten. Bovendien was het net of ik ergens in mijn hoofd een klik voelde. Een flauwe bocht, en toen schoot de UFO in hoge snelheid over de landerijen, richting de zeedijk naar het IJsselmeer, de kant van Makkum uit….



Jaren geleden, terwijl ik in mijn Lelijke Eend, mijn lievelingsauto, over de snelweg van Sneek/Bolsward naar huis in Workum reed, werd ik plotseling afgeleid door een groot object in de vorm van een Ster die schuin voor mij over de velden leek te scheren. Ik had geen flauw idee wat dit zou moeten betekenen en schonk er verder nauwelijks aandacht aan. Ik moest het me verbeelden. Maar toen ik was afgeslagen naar de N359 zag ik het weer en kon ik niet anders dan vaststellen dat het object zich met dezelfde snelheid als ik opzij van de weg, op een hoogte van een meter of dertig,  in Zuidwestelijke richting bewoog.

Ik begon me nu wel een beetje unheimisch te voelen. Wat moest dat ding van mij? Van verbeelding was geen sprake meer, en mede omdat er verder geen verkeer was en het ding toch echt ‘met me opreed,’ moest ik wel concluderen dat het object iets met mij te maken had. Maar wat; ik had geen flauw idee. Onderwijl had ik tijd genoeg om het vliegende voorwerp eens goed te bekijken. Het was stervormig, met vijf of zes punten, dat weet ik niet meer precies. De kleuren van de ster was roodoranje. Het straalde onafgebroken twee lijnen in dezelfde kleur – net zoals bij de I Tjing, met gelijke tussenruimten – omlaag; afwisselend naar Moeder Aarde en in mijn richting.
                 
Ik werd steeds meer alert en dacht: "Is het werkelijk waar wat ik zie?" Ik keek om me heen, was nog steeds sceptisch. Misschien werd er vanaf dit gebied met lichtsignalen gewerkt? Maar nee, daar bleek niets van. Je weet niet half wat er op zo’n moment allemaal in je omgaat, maar ik nam mezelf plechtig voor niet angstig te worden. Toch reed ik steeds langzamer. Ik werd bovendien met de minuut nieuwsgieriger en wilde het voorwerp nog eens goed bekijken. Heel voorzichtig keek ik weer door het raam naar rechts en bedacht weer dat dit toch wel heel erg vreemd was. De Ster was heel dichtbij en bracht me in verwarring want het reisde, zoals gezegd, parallel aan de weg met me mee. Omdat ik steeds langzamer reed, moest het dus ook afgeremd zijn. Dat moest ik eens uitproberen. Plotseling gaf ik vol gas en ja hoor, een tel later vloog het ding accelererend met me mee.

Ineens was het weg. Verdwenen in het niets of achter een wolk. Maar dat moest dan wel een erg lage wolk zijn geweest, maar omdat het al aardig donker was, was dat verder niet te verifiëren. Maar iets verderop, vlak voor Parrega kwam hij weer tevoorschijn en gleed weer met me mee. Wat was de bedoeling? Was dit een boodschap voor mij? Mijn geboortestad Workum naderde en ik dacht dat de ster nu wel verder zou vliegen richting Hindeloopen. Maar nee, het vloog mooi door de bocht met me mee, wat ik op dat moment helemaal niet zo prettig vond. Verdorie, dat ding heeft het echt op mij gemunt!

Op dat moment, vlak voor Workum, leek de tijd stil te staan. Alles leek zich in slow motion af te spelen. Eén van de eerder beschreven lichtstralen richtte zich een moment op mijn ogen. Er leek een knik in de weg te zitten. Bovendien was het net of ik ergens in mijn hoofd een klik voelde. Een flauwe bocht, en toen schoot de UFO  in hoge snelheid over de landerijen, richting de zeedijk naar het IJsselmeer en verder de kant van Makkum uit. Nog niet zo lang geleden was daarover een item op de radio. Mensen die op de Makkumerwaard hun hond hadden uitgelaten waren heel erg geschrokken en renden, aldus de radio, voor hun leven. Maar verder was het allemaal blijkbaar goed afgelopen.

Niet veel later was ik thuis:  Stotterend vertelde ik mijn verhaal en zei opgewonden tegen mijn man naar het platte dak te gaan; “Ik heb zo’n gek ding gezien.” Maar natuurlijk zag hij niets want het ding was allang verdwenen.

Op een cursusmiddag bij Jelle Veeman heb ik mijn verhaal mogen doen en dat luchtte enorm op, de Astroloog bekeek het vanuit zijn gezichtspunt; de planeten stonden destijds dusdanig in mijn horoscoop dat ik me in de 9e dimensie moet hebben bevonden. Dergelijke zaken kunnen zich klaarblijkelijk in sommige gevallen zo voordoen. Jelle vertelde me dat het met de Wereldoorlog te maken zou hebben. Eerder had ik samen met mijn schoonzus  ook al eens een ufo gezien maar toen had me dat niet zo geraakt. Het was er en dat was het dan.

De ‘zaak van de Workumse UFO’ heeft me nog lang beziggehouden. Ondanks dat ik bij Jelle Veeman mijn hart had kunnen luchten wist ik op de een of andere manier dat er meer gebeurd was dan dat ik me kon herinneren. Uiteindelijk heb ik een regressietherapeute gezocht die mij in een anderhalf uur durende sessie hielp om naar het moment terug te keren en te achterhalen wat er werkelijk was voorgevallen.

Terwijl ik, half onder zeil op de lange bank, met een deken over me heen, met de therapeute terugging naar het uur U, werd ik me steeds meer bewust van wat er toen had plaatsgehad. Ik leek weer in mijn Deux Cheveaux te rijden, vlak voor Workum. Opnieuw scheen de tijd stil te staan. Alles leek zich in slow motion af te spelen. Een oranjerode lichtstraal richtte zich een moment op mijn ogen. Ik hoord  e een soort zuigend geluid en van het ene op het andere moment was ik heel ergens anders. Het was een soort koepelvormige cabine, zoals je die in vliegtuigen ziet. Maar dan met veel minder instrumenten. Ik zag een soort hendel, een paar wijzerplaten. In het midden bevond zich een koepel en aan de buitenkant waren grote ovale ramen. Maar het meest prominent waren de drie wezens die zich in de cabine bevonden. Ze waren blauwachtig, lang en slank, leken wel doorschijnend en hun gezichten straalden een prachtige liefdevolle energie uit. Het leek een sprookje. Toen ik me dat allemaal realiseerde was ik absoluut niet bang meer. Het was allemaal zo vredig, zo liefdevol, zo vol van warmte, harmonisch. Het leek er totaal niet meer toe te doen waar ik was.

Het enige wat van belang was waren deze drie prachtige wezens. Een ervan kwam naar me toe. Aan de buitenkant was het niet te zien, maar toch wist ik zeker dat dit een vrouwelijk wezen was. Ze legde haar lange dunne arm op mijn schouder en keek me diep in de ogen. Haar prachtige peilloos diepe ovale ogen keken mij liefdevol aan. Er stroomden gedachten in mijn hoofd. Gedachten van wat eens was, hier heel ver vandaan op een verre planeet. Zij en ik waren partners; ik was toen mannelijk, dat wist ik zeker. Ze was aan de ene kant een beetje verdrietig dat ik ervoor gekozen had om op Aarde te incarneren. Aan de andere kant vervulde het haar met grote trots dat ik in staat was om op deze planeet van dualiteit te verkeren en vond dat ik het buitengewoon goed deed. Nog veel meer inzichten kwamen mijn kant op. Ik zou lange tijd nodig hebben om dit allemaal te rangschikken! Het enige wat ik deed was luisteren, liet alles naar binnen stromen, integreren. Het was goed.

Ze knikte. Het was tijd. De twee andere wezens waren niet van hun plaats afgekomen. Die hadden uitsluitend geobserveerd, maar ik bedacht dat alle gedachten die mijn brein waren binnengekomen, misschien wel afkomstig waren van het collectief dat deze drie ‘Ufonauten’ hadden gevormd. Ze communiceerden dat ze de tijd voor mij  enkele momenten hadden stilgezet en dat ze me weer op dezelfde tijd en plaats zouden afleveren, zodat ik kon verdergaan met mijn leven en kon leren de inzichten die ik had ontvangen – op mijn eigen wijze – eigen te maken en misschien wel met anderen te delen.

Het volgende moment was ik weer terug. Er leek een knik in de weg te zitten. Bovendien was het net of ik ergens in mijn hoofd een klik voelde. Een flauwe bocht, en toen schoot de UFO in hoge snelheid over de landerijen, richting de zeedijk naar het IJsselmeer, de kant van Makkum uit….