Written with Love Written Speciaal

Apu Coribean

Apu Coribean

 

Ayni; het gedachtegoed van de Inca's

Hendrik Hobbelink

www.musicadans.nl

 


In Peru voel ik een bijzonder soort rust. Als tijdens de rituelen het gedachtegoed van de Inca’s tot leven komt, ben ik in mijn element. Het is geen verstandelijke herkenning, het is dieper; iets in mijn wezen kent dit zo goed. Nadat tijdens mijn allereerste reis naar dat land de verbinding met die diepere, tot dan toe onbewuste laag was gemaakt, zag iemand in Nederland een recente foto van mij en zei zonder aarzelen: “Dat is een Incapriester.”Het is alsof binnen de levende en bewegende werkelijkheid van het leven verschillende figuren of levenspatronen te onderscheiden zijn naar gelang je er op verschillende manieren op focust. Net zoiets als de ‘Flower of Life’ waarin je alle belangrijke levenssymbolen kunt herkennen. Elk van die levenspatronen is een vorm van spiritualiteit met zijn rituelen die aangeven hoe je het leven kunt binnentreden zodat je er een mee wordt. Wie de toorts heeft aangereikt die de volkeren van de Andes hebben opgepakt weet ik niet precies. Waarom de waarheid op verschillende plekken van de aarde is ingezaaid en is ontkiemd om uit te groeien tot weer een geheel andere spirituele bloem, kan ik echter wel vermoeden. Als ik zoek naar een bedoeling hierachter, gezien vanuit een groter plan, zie ik hoe elke mens afzonderlijk een aspect van de waarheid uitwerkt. Wanneer hij (Hoewel ik de vrouw hoogacht en eer zal ik mij in dit verhaal consequent bedienen van de mannelijke vorm.) zich dan verbindt met zijn omgeving worden de verkregen inzichten uitgewisseld. Dit proces van uitwisseling dat voortdurend plaatsvindt tussen alle manifestaties van Levende energie noemt de Inca ‘Ayni’. Het is het basisbeginsel dat heel de kosmische dynamiek stuurt, zodat de harmonie daarin wordt gewaarborgd. ‘Tari Pai Pacha’ is de naam die de Inca’s hebben gegeven aan de Nieuwe Tijd die wordt verwacht. Hierin zullen de mensen’ elkaar opnieuw ontmoeten’ en zonder voorbehoud de kennis uitwisselen die de inwijdingen van Het Leven hen hebben verschaft. Het gaat over onze tijd, het nu!

Enq’a
Enq’a is een term die duidt op de kwaliteit die we kunnen ontwikkelen om kracht en kennis in ons te vergaren en haar met onze omgeving te delen. Het leggen van verbindingen met de verschillende bronnen van energie die ons via een heldere intentie omgeven is een handeling die er primair op gericht is onze energiebel zoveel mogelijk te voeden met kracht. Uit het principe van aantrekkingskracht of resonantie zullen wij ons, aldus gevoed, met nog hogere energieniveaus kunnen verbinden. Inzicht in het principe van Ayni maakt dat het vanzelfsprekend is dat die kracht, die in zekere zin ook informatie is, met zoveel mogelijk andere mensen wordt gedeeld. Door mijn kracht met anderen te delen zal het niveau van die kracht overal immers groeien waardoor de kans groter wordt dat de groep als geheel, of enkelen uit de groep –waaronder misschien ikzelf – contact kunnen maken met een hoger niveau van energie. Hetzelfde begrip Ayni zal ervoor zorgen dat ook die verworvenheid op zijn beurt met allen wordt gedeeld. …En zo rolt de bal de berg op! In de praktijk komt het erop neer, dat jij je die bijzondere ruimte toe-eigent die de jouwe is, hier op aarde. Dan is er vanzelf verbondenheid en voedt het Geheel jou met informatie over haar innerlijke samenhang. Je ervaart dan langzamerhand je plek binnen het grote Weefsel en het bewustzijn van Enq’a ontstaat vanzelf. De ‘eigen kennis’ die door jouw persoonlijke trilling ontstaat, is de wijze waarop die kosmische informatie jou weer verlaat. Zo spreidt het zich weer uit binnen het weefsel dat je omgeeft wordt het versterkt.

Geluk vraagt om de moed je in de richting te bewegen die van binnen wordt aangegeven. Zo beland je op je plek. Het is de yoga van het handelen of ‘karma yoga’. Het is erachter willen komen waarom je hier op aarde bent gekomen en niet ophoudt te zoeken totdat je het gevonden hebt. Dat is voldoende. Dit is hoe het werkt met het leven, of ook met levende energie. Alles ís levende energie en haar meest wonderlijke eigenschap is, dat zij naar intentie luistert. Daarom, wanneer we keer op keer onze vraag opnieuw stellen en hem richten naar die kosmos van levende energie, zal zich daaruit telkens weer een antwoord vormen dat ons richting geeft; telkens en met stelligheid.

Want het is aan ons. Wij zijn de scheppers van de werkelijkheid die om ons heen wacht op een gedachte, een wilskracht die haar vormt. Daarom; houd niet op te scheppen, want anders kun je een rol krijgen in de werkelijkheid van even zo vele scheppers als er mensen zijn op aarde en ‘goden’ in de ‘hemel’. Wanneer de Inca zijn scheppende gave beschouwt – zijn ‘personal power’ – komt hij zelfs tot het punt waarop hij zijn eigen dood mag betwisten. Als hij het moment kent van zijn dood, oog in oog met dat moment komt en het zint hem niet, dan kan hij zijn personal power gebruiken om dat moment te betwisten en de loop der gebeurtenissen te beïnvloeden! Dít biedt het pad van de Andes; de weg naar Personal Power! Je werkelijke macht benutten om het leven vorm te geven zoals het overeenkomt met wie jij bent!

Dit pad vond mij weer, of … vond ik het pad?
Ineens zijn bergen niet zomaar bergen meer maar geesten, Apu’s – krachten die tot leven komen als je ze anders leert benaderen. Dan wordt een berg opeens je leraar, je ster, “tu estrella”. In nederigheid heb je niet alleen respect voor zijn ontzagwekkende grootte, maar ineens krijgt hij ook iets menselijks en communiceert op wonderlijke wijze met je. De berg Apu Coribean werd mij niet als vanzelfsprekend voorgesteld toen ik hem voor het eerst zag. Wel werd ik volkomen overweldigd door zijn magnifieke vorm. Als een gigantische piramide drong zijn beeltenis zich aan mij op. Gefascineerd door zijn schoonheid observeerde ik hem in stilte en ontdekte dat hij als een levend organisme warempel ook de vier ‘ogen’ bezat, net als wij mensen. Terwijl Juan, mijn gids, allerhande andere bergen aan ons voorstelde zweeg hij over hem. Hij kende wel zijn naam. Groots heerste Apu Coribean over de heilige stad van Pisaq, als een reusachtige beschermheer die zich in stilte leek te hullen.

Twee jaar later, terwijl ik met Juan in België was, kwam ik er pas toe het hem eens uitdrukkelijk te vragen; “Wie is die berg, die jij Apu Coribean noemde en waarvan jij toen terloops opperde, dat hij misschien mijn ‘estrella’, mijn gids wilde worden?”. Met een grijns op zijn kop antwoordde hij “He is the big boss of the place.” Ahá, dus zo zat dat. Gewoonlijk werkten we met de groep op een plek van waaruit we ons verbonden met een aantal Apu’s van een zeker niveau, een rij bergen gelegen aan de overkant van het tempel complex van Pisaq. Hij vertelde me dat er echter nog een plek was, hogerop, waar je je verbond met de ‘big boss’. Terstond liet ik hem toen beloven, dat hij mij naar die plek zou brengen als het moment daar was. Een maand later was ik weer in Peru. Op de dag dat we naar Pisaq zouden gaan had ik ’s ochtends een lucide droom; ik droomde, maar was me tegelijkertijd bewust dat ik droomde. In mijn droom liep ik naar de rand van een afgrond en liet mij voorover vallen in de diepte. Mij bewust dat ik droomde, dook ik telkens weer de diepte in en keer op keer voelde ik de angst in mijn buik en kon ik ze los laten. Wat een bijzondere droom, en ook: hoe werkzaam.

Blij dat ik deze droom had mogen ontvangen toog ik iets later met de groep op pad. Na een prachtige tocht door de bergen, waarbij we hadden genoten van het vergezicht over de Incapolders langs de oevers van de Wilka Nusta rivier, arriveerden we in de contreien van Pisaq. Al gauw herkende ik de contouren van Apu Coribean wat mij het gesprek met Juan weer te binnen deed schieten. Ik wilde hem aan zijn belofte herinneren maar hij bleek het niet vergeten te zijn. Op de eerste ‘huaca’ of heilige plek aangekomen deden we ons gebruikelijke werk en met behulp van de energie uit de vier nissen in de rotswand verbonden wij ons met het groepje bergen aan de overkant om ons van extra kracht te voorzien. Toen we verder gingen verzocht Juan de groep door te lopen en nam mij terzijde. Langs de wanden van een grote rots klauterden we omhoog en bereikten een smal plateautje dat door een schamel muurtje was omringd. Op de hoek verrees een stapel los op elkaar staande stenen die afstak tegen de hemel. Juan zei me dat de eigenlijke werkplek daar bovenop die stapel was, maar dat ik de oefening ook wel vanaf hier kon doen en als ik naar boven wilde deed ik dat op eigen risico. Het avontuur was inderdaad niet zonder gevaar maar de plek riep en ik was in mijn kracht dus ik besloot het te doen. Uiterst voorzichtig klom ik langs de afgrond omhoog en toen ik eenmaal in positie was gekomen, nadat ik in het luchtledige nog een kwart slag had moeten draaien, en ik eindelijk gezeten was op de bovenste steen waar een plasje water langzaam mijn broek doorweekte, doorzag ik plots het spel.

Terwijl mijn benen in het niets bungelden richtte ik mij op en aanschouwde Apu Coribean die in al zijn macht omhoog torende en mij kracht schonk voorbij de grenzeloze diepte van de vallei. Hij had mij al geroepen in de droom en hier en op zo’n manier wilde hij mij vandaag ontmoeten opdat ik mijn angst zou voelen en transformeren. Hij leerde mij op een andere manier naar leegte te kijken en te voelen hoe ik daarin kracht kan ervaren. Dat leeg zijn een illusie is en hoe ik mocht werken met angst. Sindsdien is het voor mij een ritueel geworden om met angst bewust te werken.

Wat was dat toch voor een band en hoe kwam het dat wij elkaar vonden? Waarom was ik daar überhaupt? Ik mocht me herinneren wat verbondenheid is voorbij ons menselijk denken! Slechts gevoel, dat zich verbindt met Leven om zich heen – weer Enq’a zijn. Sinds ’90 had ik gewerkt als gids in het toerisme en na mijn eerste reis naar Peru in ’98 ben ik dit werk gewoon blijven doen. In die wereld is het weer een belangrijke factor, vooral als het slagen van de onderneming voor de toergasten valt of staat bij de kwaliteit ervan. Voor mijzelf was iedere weersoort goed en nu was ik, sterker nog dan voorheen, doordrongen van het vertrouwen dat ik mocht hebben in de levende krachten die het weer vormen. Nu waren mijn toeristen vanwege het ons bekende weertype van wisselende bewolking bij elk uitstapje vol argwaan en telkens informeerden ze bij mij of de paraplu mee moest. Iedere keer voelde ik naar omhoog en stelde hen gerust. Ik legde hen uit dat ze vertrouwen in het weer mochten hebben. In de namiddag stapten we uit op de grote markt in Delft.

De lucht was nogal dreigend, dus ik gaf geen garanties en de mensen verlieten de bus mét paraplu. Midden op het marktplein verzamelde ik de groep om mij heen. Nauwelijks was ik van wal gestoken met mijn verhaal of een heer in de achterste gelederen stak zijn vinger op: “Ahá, een druppel! Zie?”. Met een licht dramatische geste vouwde ik mijn handen en schonk de betreffende heer een diep teleurgestelde blik, zo van “Nu heb ik je de hele dag iets proberen bij te brengen en laat je me zo in de steek?”. En met een blik van “Heer, vergeef hen want zij weten niet beter,” sloeg ik mijn ogen ten hemel, waar de lucht inmiddels knap duister was geworden en voorwaar; de wolken verwaaiden terstond, en een wat blekerige zon kwam door. De mensen hebben verder droog kunnen wandelen.

Wat een geschenk, wat een aanmoediging!
Soms blijft een bijzondere gebeurtenis echter uit, wanneer er juist zozeer naar verlangd wordt en is teleurstelling ons deel. Intussen leert het dagelijks leven ons dat we niet voortdurend ons verlangen hoeven te stellen op extase en dat we vertrouwen mogen oefenen. Vertrouwen in iets groter en dieper dat ons zal leiden naar die ontmoetingen of gebeurtenissen die ons iets over de wezenlijke aard van het Leven zullen openbaren. Zo gebeurde het dat ik voor mijn vertrek naar mijn allereerste reis naar Peru een tarotkaart trok. Zó maar eigenlijk, zonder een duidelijke vraag maar wel vagelijk met betrekking tot mijn aanstaande reis, trok ik de kaart ‘Disappointment’! Mijn gevoel was gekwetst; hoezo ‘teleurstelling’, zou niet die hele reis een geweldig succes worden met de ene daverende gebeurtenis na de andere?! Nee, deze kaart betekende vast dat bepaalde ‘specifieke’ verwachtingen niet uit zouden komen en dat zich daarvoor in de plaats de meest onverwachte, wonderlijke wendingen zouden voordoen! “Pfft ... zo, dat onheil had ik toch redelijk goed afgewend!” De geest leek vooralsnog terug in de fles.

De eerste dag van inwijdingen begon in Cuzco met het bijwonen van de heilige mis in de kathedraal. Daar openden we onze energiebel om ons op de bijzondere manier van de Inca te verbinden met de fijne mannelijke energie in de kosmos via de Christus en met de fijne vrouwelijke energie via de Maagd. Net als de meesten onder ons had ook ik het boek van Elisabeth Jenkins “De Terugkeer van de Inka” gelezen waarin zij haar ervaringen vertelt bij diezelfde rituelen. Later ben ik er achter gekomen dat het boek een verzameling is van ervaringen uit verschillende reizen die ze in de loop der tijd heeft gemaakt. Intussen had het boek echter wel menig Peru-ganger tot vertwijfeling gebracht; tegen een dergelijke opeenvolging van diepgaande ervaringen viel immers niet op te boxen. Tja, wat een les eigenlijk. Hoezeer zijn wij met onze aandacht naar buiten gericht in een voortdurende vergelijkingsslag, terwijl we onze eigen ruimte ontkennen en het wonder van ons eigen wezen aan ons voorbij gaat. Enfin, mijn ervaringen in de kathedraal waren bevredigend en prachtig en met een gerust hart trok ik met de groep verder naar de volgende rituele plek, ditmaal in de natuur gelegen.

Tijdens de rituelen in ‘Ilya Pata’, het Altaar van Licht, was ik verrukt door de vorm van de oefeningen die alle voor mij zo vanzelfsprekend waren. Tegelijkertijd was ik mij echter ook bewust van al het wonderlijke dat de schrijfster van het boek op die plek allemaal had beleefd. En zie, de tarotkaart, die ik voor mijn reis zorgvuldig weer in het pak terug had gestopt kwam langzaam weer tevoorschijn. Ik beleefde immers niets, of althans niets noemenswaardig, meende ik en hoe meer ik mij probeerde te verzetten tegen het gevoel van teleurstelling dat mij gaandeweg bekroop, des te meer groeide het. Uiteindelijk na een laatste, prachtige inwijding in ‘Amaru Mach’ai’, de slangengrot, was het gedaan met me. Ik kon me alleen nog overgeven aan de golf van teleurstelling die als een gif mijn energiebel leek te vullen. Daar zat ik dan! Na vele dollars te hebben neergeteld en duizenden kilometers te hebben afgelegd zat ik nu hier en geen blijde ingeving leek me nog te willen redden. Alleen, gezeten op een afstand van de groep keek ik de teleurstelling recht in het gelaat en als om mijn ellende totaal te maken was de meegebrachte lunch nog onsmakelijk ook.

Toen ik een beetje aan het verlammende gevoel was gewend, kwam ik wat bij en voorzichtig speurde ik mijn innerlijk af naar oplossingen. Het beste was alle verwachting te laten varen dat mij nog iets spectaculairs zou overkomen en verder zoveel mogelijk van de reis en het landschap te genieten. En zo kwam ik tot rust. Terwijl ons busje het pad afwaggelde naar de verharde weg om het meer van ‘Huacarpay’ te bereiken voor de slotceremonie van die dag, kwam ik langzaam in een gevoel van rust en sereniteit die haar hoogtepunt bereikte aan de oevers van het meer. Nadat we het laatste ritueel hadden volbracht en de ‘Inca Huascar’ vanuit de onderwereld over het water op mij afkwam om zijn kracht met mij te delen, kreeg ik inzicht in de volmaaktheid van de Hatun Karpay, de Grote Inwijding. De filosofie van de Andes ziet de mens als een zaadje. Om zich te ontwikkelen tot zijn potentieel moet het zijn weg vinden naar de Aarde en zich verbinden met alle krachten om hem heen. Pas dan zal het kunnen uitgroeien tot wat het in wezen is. Vanaf de ochtend in de kathedraal hadden wij ons verbonden met alle verschillende niveaus van energie in de kosmos; via Jezus en Maria met de bovenwereld; op Ilya Pata met de hoogste krachten van deze wereld – de omringende Apu’s, de wind en de zon en in Amaru Mach’ai met de aarde zelf; uiteindelijk gebruikten wij het meer als poort om ons te verbinden met de onderwereld, van waaruit we de laatste Incaheerser verzochten zijn kracht met de onze te willen verbinden. De power van deze verbintenissen stond niet toe dat enige hindernis kon blijven bestaan. De inwijdingen van die dag hadden de functie gehad de aarde in ons te bewerken opdat ze het Incazaadje zou kunnen ontvangen. En zo verliep het. In mij was het vredige gevoel van een intense dag werken die tot een goed einde was gebracht.

De allegorie van het zaadje ging voort in de dagen die volgden en vertelde aan het wezen in ieder van ons het hele verhaal van ontkiemen, groeien en tot bloei komen, opdat wij ons zouden herinneren wie wij waren en waartoe we gekomen zijn. Het levensplan in ieder van ons werd opgewekt opdat het zich zou ontvouwen zoals bedoeld was en we tenslotte het Al, waarmee we op onze eigen unieke wijze verbonden zijn, tot uitdrukking zouden brengen zoals een plant in bloei in haar pracht verwijst naar het Geheel.


Stichting Musicadans
Spaarndammerstraat 93
1013TC, Amsterdam
0629320087/0206815754
www.musicadans.nl
hendrk@dds.nl
Hendrik Hobbelink